Moeilijke situaties in de praktijk

Moeilijke situaties in de praktijk

Plots zit je in een moeilijke situatie en het is niet makkelijk om daar goed op te reageren. Geen nood! Dat is volkomen normaal. Blijf rustig en gebruik je gezond verstand. Hier vind je alvast een aantal voorbeelden en concrete tips over wat je wel en niet kan doen.
 

Ribbel Joris duwt tijdens een spel schipper-mag-ik-overvaren Jolien hard op de grond. Dat is nu al de derde keer. Wat doe je?

  • Blijf rustig.
  • Spreek Joris onmiddellijk aan en vertel hem wat je van zijn gedrag vindt: “Ik vind het niet oké dat je Jolien duwt, omdat ...”
  • Zet Joris even in time-out en wacht tot hij gekalmeerd is voor je met hem in gesprek gaat. Het heeft geen zin als hij toch niet luistert. Zeg hem wel om de zoveel minuten dat jullie het nog over zijn gedrag zullen hebben.
  • Stel vragen en probeer de reden voor zijn gedrag te achterhalen. Misschien maakten zijn ouders ruzie die ochtend en werkt hij dat uit op Jolien.
  • Help Joris een gepaste compensatie te bedenken, waar hij zelf mee akkoord gaat. Reik hem opties aan: “Je kan een briefje schrijven, of een tekening maken, of een knuffel geven, enz.”

Je komt te weten dat Ali, een aspi, door zijn mede-aspi's hard wordt aangepakt op Messenger en WhatsApp. Wat doe je?

  • Keur het gedrag van de aspi's af en leg uit waarom. Wees zeker van je stuk: jij hebt ontdekt dat Ali uitgesloten wordt (het was dus niet 'van horen zeggen').
  • Bespreek de situatie in groep, pesten is immers een groepsproces. Maak duidelijke afspraken met heel de groep.
  • Werk aan de groepssfeer: de pesters hoeven niet voortdurend als zondebok afgeschilderd te worden en Ali niet als het slachtoffer. Zorg voor activiteiten waarbij iedereen elkaar beter leert kennen, dat is de beste remedie tegen pestsituaties.
  • Opgelet: is de situatie te zwaar geëscaleerd, dan licht je het beste de ouders in. Informeer de pesters en gepeste over wat je allemaal zal ondernemen.

Tip
Klik hier voor een heleboel handvaten voor als pesten uit de hand loopt. Daarnaast is er de workshop Pestzak die je kan gebruiken. Je kan altijd naar Chirojeugd Vlaanderen bellen (03-231 07 95) als je even niet meer weet wat te doen.
 

Op kamp bij de rakwi's vraag je om stil te zijn voor een groepsmoment. Yasmina weigert naar je te luisteren en blijft verder doen, al heb je haar daar al regelmatig op aangesproken. Wanneer je naar haar toestapt, loopt ze weg. Wat doe je?

  • Ga niet achter haar aan hollen, maar zeg haar dat haar gedrag niet oké is en jullie het er nog over zullen hebben.
  • Ga haar na een tijdje opzoeken en vraag of ze al kan praten over haar gedrag. Loopt ze weg, dan laat je haar doen en zeg je dat jullie het er nog over zullen hebben. Is ze er klaar voor, dan zitten jullie samen.
  • Laat haar haar verhaal doen, maar maak duidelijk dat ze iets fout heeft gedaan.
  • Zoek samen naar een gepaste compensatie voor haar gedrag. Iets dat in verhouding staat met haar gedrag, waar een duidelijk einde aan gekoppeld is en waar ze zelf ook mee akkoord gaat.

Keti Rob flipt volledig tijdens een spelletje voetbal. Hij haalt uit naar andere keti's en gaat extra hard door op de bal. Wat doe je?

  • Op dit moment valt er moeilijk te praten met Rob. Je kan het beste:
    • Rustig blijven. Als je boos wordt, escaleert de situatie.
    • Rob aanspreken op zijn gedrag: “Ik vind het niet oké dat je zo hard tackelt.”
    • Vragen aan Rob dat hij zich eventjes aan de kant zet.
  • Wanneer Rob gekalmeerd is, ga je even met hem praten. Maak duidelijk dat wat hij gedaan heeft niet kan.
  • Vraag naar de reden waarom hij zo boos is geworden en bekijk samen hoe hij zo'n uitbarsting de volgende keer kan voorkomen (dat Rob bijvoorbeeld bij jou komt melden dat hij even rust nodig heeft).
  • Laat Rob nadien weer meespelen.

Wat te doen in een moeilijke situatie


Wat doe je zeker WEL?

  • Blijf kalm en wacht tot het kind ook rustig geworden is.
  • Gedrag afkeuren: tijdens de time-out waarbij het kind tot rust komt, kan je hem of haar af en toe melden dat je niet akkoord gaat met de manier waarop hij of zij zich gedragen heeft.
  • Overleg met je leidingsploeg: maak duidelijk afspraken over hoe jullie zullen omgaan met moeilijke gedragssituaties. Bespreek bij wie je terechtkan als je de situatie even niet meer alleen kan afhandelen.
  • Evalueer achteraf je eigen reactie. Had je het anders kunnen aanpakken? Wat doe je als het nog eens voorvalt?

 

Wat doe je zeker NIET?

  • Lijfstraffen: nooit een oplossing en verboden! Soms lijken ze grappig, maar zulke straffen beschadigen je leden fysiek en/of psychisch.
  • Flippen: als het even niet meer lukt, vraag dan hulp bij je medeleiding.
  • Zaken opdringen of verplichten. Kordaat zijn mag. Als een kind iets fout gedaan heeft, mag je het dat ook laten inzien. Zorg ervoor dat het kind dat uiteindelijk begrijpt en mee nadenkt over een gepast gevolg. Voor ideeën: kijk eens op sorrybox.be.