Back to top

FAQ Bivak

0 


 

Wanneer leg je het best een bivakplaats vast?

Als stelregel neem je best: voor het bivak van dit jaar moet de bivakplaats voor het volgende jaar vastliggen. Dat geldt zeker voor een bivakhuis. Dat leg je best ongeveer 18 maanden voor het bivak vast. Het heeft weinig zin een huis of terrein drie of meer jaren vooraf vast te leggen. De bivakplaats kan in enkele jaren immers sterk vervallen. Bovendien kan de situatie en de nood van je groep ook sterk veranderen in drie jaar tijd.

Waar kan ik een bivakplaats vinden?

Er zijn verschillende manieren om je ideale bivakplaats te vinden.

Het verschil tussen een erkende en een niet-erkende bivakplaats?

Vanuit het decreet Toerisme Voor Allen kan een jeugdverblijfcentrum zich laten erkennen. Dit is een recht, geen verplichting!
Wat mag je nu verwachten van een “erkend jeugdverblijfcentrum” of bivakhuis?

  • Het kamphuis voldoet aan een aantal minimumvoorwaarden.
  • Jeugdwerkgroepen krijgen een lagere prijscategorie dan andere groepen.
  • Jeugdwerkgroepen mogen 6 maanden vroeger boeken dan andere groepen.
  • Ze voldoen aan de brandveiligheidsnormen
  • Ze voldoen aan de minimale hygiënenormen
  • 70 % van de overnachtingen gebeuren door jongeren (<26 jaar)

De erkende “jeugdverblijfcentra” worden ingedeeld in type A, type B en type C, afhankelijk van de mate van comfort.

  • Type A zijn centra met een eenvoudig basiscomfort zonder bedden
  • Type B heeft wel bedden en bijvoorbeeld ook een ingerichte keuken
  • Type C zijn centra met een degelijk comfort, voldoende werklokalen (vb. voor vorming) en een uitgebreidere keuken.

Let wel! Niet alle kamphuizen of jeugdbewegingslokalen kunnen erkend worden:

  • Je moet bijvoorbeeld minstens 40 slaapplaatsenvoorzien.
  • Je moet minstens open zijn in juli en augustus.
  • Je moet minstens 1000 overnachtingen per jaar hebben.

Dat wil dus niet altijd zeggen dat ze een slechte kwaliteit hebben of niet mogen verhuren!

Erkend = Kwaliteitsgarantie naar hygiëne en brandveiligheid toe.
Niet-erkend = Niet zeker of ze aan deze kwaliteitsgarantie voldoen, maar ook niet zeker dat het niet zo is. Je checkt dus beter eens vooraf.

Hoe weet ik of ik een degelijk huurcontract heb?

Maak altijd een degelijk schriftelijk huurcontract op!

Als huurder van een bivakplaats en bivakterrein heb je er alle belang bij een degelijke huurovereenkomst af te sluiten. Bij moeilijkheden is het de basis waarop je kunt terugvallen om je rechten te verdedigen. In die overeenkomst staan de afspraken over prijs en data, en over de rechten en plichten van de bivakeigenaar en jullie, als groep.

Gebruik de modelhuurovereenkomst (Nederlands, Frans, Duits) wanneer je je bivakplaats vastlegt. Een kopie ervan heb je ook nodig wanneer je tenten ontleent bij de Uitleendienst Kampeermaterialen (vroeger ADJ) in Machelen.

Voor de eenvoudigste weide moet je dus ook een huurovereenkomst laten maken, in het belang van jullie groep en om tenten te kunnen ontlenen.

LET OP! Een huurovereenkomst afsluiten is niet hetzelfde als een optie nemen op een bivakhuis. Zolang er geen overeenkomst ondertekend is, is er geen verplichting. Een schriftelijke bestelling plaatsen en een voorschot betalen, is wel evenwaardig aan het afsluiten van een overeenkomst.

Wij willen op buitenlands bivak, hoe beginnen we eraan?

Een buitenlands bivak is inderdaad niet iets wat je in enkele weken in elkaar bokst!

Twee uitgangspunten van een bivak kunnen wel eens in het gedrang komen door naar het buitenland te trekken.

  • Iedereen van de Chirogroep mag mee op bivak. Het moet dus betaalbaar blijven.
  • We gaan met heel de Chirogroep op bivak. Het blijft de plaats waar groot en klein verbroederen, waar iedereen iedereen leert kennen.

Anderzijds is het natuurlijk gemakkelijk om argumenten te geven om die uitdaging net wél aan te gaan!

Hoe pak je dat nu aan?

Eigenlijk kun je kiezen uit 3 formules:

  1. Je kiest ervoor je bivak te organiseren in samenspraak met een reisbureau of een gespecialiseerde organisatie: Jeka, Priola, enz.
  2. Je kiest ervoor om alles zelf te doen.
  3. Je sluit met de oudsten aan bij een uitwisselingsinitiatief van de Fimcap. Roundabout is zo'n project voor keti's en aspi's, met leeftijdsgenoten in Catalonië, Malta en Litouwen. Je vindt een volledig overzicht van het aanbod elders op de site.

De centjes: naar het buitenland trekken is duur, dat hoef ik niet te vertellen. Naast een normale bivakvoorbereiding zul je ook de jaren voordien de handen uit de mouwen moeten steken om geld in het laatje te krijgen om het bivak betaalbaar te houden voor de leden. Hoewel de kans erg klein is, kun je eens bij de jeugddienst langs gaan om te horen of de gemeente bereid is om jullie bivak te subsidiëren.

Meer info en tips vind je hier!

Waar kan ik met klachten over mijn bivakplaats terecht?

Problemen met bivakeigenaars, een onveilige bivakplaats, tenten die niet in orde zijn, buren die erg moeilijk doen over het onvermijdelijke (maar toch aangename?) lawaai dat een bivak meebrengt: het komt allemaal voor.

Je doet er goed aan om die dingen te melden. Gewoon een mailtje of telefoontje naar het aanspreekpunt Bivak en we zijn vertrokken! Zo verzamelen we jaarlijks, na de zomer, alle klanken en proberen we de problemen aan de bevoegde instanties door te geven!

Wat moet ik doen als er iets ernstigs gebeurt op bivak?

Met een ernstige noodsituatie bedoelen we een noodsituatie met zwaargewonden (waar eventueel ook hulpdiensten aan te pas komen) of een situatie met ernstige materiële schade.

1. Bevries de situatie en probeer ze te structureren

  • Breng onmiddellijk iedereen in veiligheid (bvb. van de weg, op het droge, weg van het vuur,…).
  • Verwittig zo nodig onmiddellijk de hulpdiensten en probeer zo helder mogelijk te vertellen wat er gebeurd is. Geef ook een exacte omschrijving van jullie locatie.
  • Voorkom dat je zelf in paniek geraakt. Als je zelf te verward bent, laat dan iemand anders (leiding, VB, kookploeg, …) de verantwoordelijkheid nemen over de situatie.
  • Verleen EHBO waar nodig.
  • Scheid slachtoffers van omstaanders.
  • Verlies getuigen niet uit het oog. Vraag hen te blijven tot de hulpdiensten er zijn of noteer hun adresgegevens.
  • Ga na waar eventuele slachtoffers heen worden gebracht.
  • Zorg dat iemand zich bekommert om de rest van de groep.

2. Verzorg de communicatie

Van een ernstig ongeval is de buitenwereld snel op de hoogte. Zeker als de hulpdiensten aanwezig zijn, krijg je snel de pers over de vloer. Ook op het nationaal secretariaat komen dan zeker en vast vragen binnen. Verwittig dus altijd het nationaal secretariaat op bovenstaand nummer in het geval van een ernstige noodsituatie.

Een woordvoerder
Belangrijk is dat je één woordvoerder aanduidt die wat afstand kan nemen van de situatie en die de mening van de groep kan vertolken. Overleg indien mogelijk met de leiding wat je wil communiceren. Iedereen moet consequent doorverwijzen naar de woordvoerder als ze vragen voorgeschoteld krijgen. Zo vermijd je dat er uiteenlopende versies van de feiten gegeven worden. Eventueel kunnen wij de communicatie overnemen met de nationale woordvoerder. Jullie woordvoerder moet er ook voor zorgen dat mensen rondom de groep het nieuws niet via de pers moeten vernemen. Verwittig dus zelf op tijd de betrokkenen, de leden en leiding, de ouders, ….

Hoe communiceren met de pers?
Zolang de noodsituatie niet onder controle is, moet je de buitenwereld niet te woord staan. Je kunt dan verklaren dat voor jou de situatie primeert en dat je de pers later te woord staat. Je kunt ook doorverwijzen naar een woordvoerder van de groep of naar de woordvoerder op het nationaal secretariaat.
Vertel geen onwaarheden aan de pers, dit kan je later in een lastig parket brengen. Je vertelt beter niets als je niet zeker bent.
Uit ook geen beschuldigingen naar iemand van de leiding of buitenstaanders, maar probeer de situatie zo objectief mogelijk te beschrijven.
Vermijd het nummer van je gsm door te geven aan de pers. Zoniet word je permanent overstelpt met vragen.

3. Volg de situatie nadien ook verder op

Nadat de situatie onder controle is en de persaandacht verdwenen is, is de kous nog niet af, natuurlijk. Op administratief vlak vallen meestal nog wat zaken af te handelen. Ook de betrokkenen, de ouders,… kunnen nog begeleiding nodig hebben. Je moet proberen hen te helpen met hun vragen. Ook wanneer de groep of de leidingsploeg een zwaar verlies moet verwerken, kan begeleiding nodig zijn. Op het nationaal secretariaat staan we altijd ter beschikking om jullie hierbij te helpen.

Is het nationaal secretariaat ook tijdens de bivakperiode bereikbaar?

Tijdens de bivakperiode voorzien wij permanentie om jullie dag en nacht te helpen bij noodsituaties. Je kunt ons bereiken op

03-231 07 95
 

Voor ernstige noodsituaties zoals serieuze ongevallen, brand,… zijn we dus ook ’s nachts bereikbaar. Het antwoordapparaat neemt je boodschap op en seint ze binnen de vijf minuten door naar de permanentieverantwoordelijke. Die persoon neemt zo snel mogelijk met jou contact op. Enkel dringende vragen worden binnen het kwartier beantwoord. Indien nodig komen we ook ter plaatse. Niet-dringende situaties of informatieve vragen kunnen wachten tot de volgende dag. Ook verzekeringsvragen kunnen wachten tot de eerstkomende werkdag.

Moeten we een speciale verzekering afsluiten als we naar het buitenland gaan?

Een extra verzekering hoef je niet af te sluiten (of jullie moesten echt riscovolle, avontuurlijke activiteiten willen doen) als je in het buitenland op bivak gaat.
Zorg wel dat je voldoende ongevalaangiftes voor in het buitenland bij hebt!
Wanneer jullie naar onze buurlanden trekken kunnen jullie ook een tijdelijke omniumverzekering voor auto’s (bijvoorbeeld die van de kookouders) nemen.  Lees meer over buitenlandse kampen.

Wat is een veilige bivakplaats?

Wanneer jullie bivakplaats erkend is, heb je de garantie dat er voldaan is aan de nodige hygiëne en brandveiligheidsnormen.

  • Is jullie bivakplaats niet erkend, dan wil dat zeker niet zeggen dat het sowieso een onveilige, onhygiënische plaats is. (meer info over het wel of niet erkend zijn vind je hier) Hier zijn enkele aandachtspunten voor als je op zoektocht gaat naar een leuke bivakplaats:
  • Ga na of de hele groep bij gevaar de bivakplaats op een vlugge manier kan verlaten. Let daarbij op steile houten trappen, aanwezigheid van nooduitgangen, enz.
  • Kijk naar de omgeving van de bivakplaats. Ligt ze niet te dicht bij een druk verkeerspunt, een spoorweg, enz.?
  • Is het bivakterrein zelf veilig: afvoerputten met onveilige deksels, afbakening van het terrein, enz.?
  • Let op de elektriciteitsvoorzieningen. Chirogroepen nemen meer en meer elektrische toestellen mee: koelkasten, diepvriezers, stevige geluidsinstallaties, enz. Veel bivakplaatsen hebben daarvoor niet de geschikte voorzieningen, met overbelasting van het net tot gevolg. Een noodzaak is dat dan ook weer niet. Om een degelijk, sober bivak te organiseren hoeven we niet altijd de meest technische voorzieningen mee te brengen. Kijk ook na of de elektriciteitsleidingen veilig zijn.
  • Ga na of er brandblusapparaten aanwezig zijn.

Durf een bivakplaats te weigeren als je een onveiligheid vaststelt!

Let speciaal op

De KEUKEN!

  • De gasvuren moeten voldoende beveiligd zijn.
  • Gasflessen moeten buiten of in een afgesloten ruimte staan.
  • Het aanwezige materiaal moet net zijn.
  • Er moet een voorziening voor drinkbaar water aanwezig zijn in de keuken. Wanneer het water niet rechtstreeks van de waterleiding wordt genomen, maar wordt opgepompt uit een eigen bron, moet de bivakhuiseigenaar je een attest kunnen voorleggen waaruit blijkt dat het water drinkbaar is.

De SLAAPRUIMTE

  • Bij brand moet je de slaapruimte(s) vlot kunnen verlaten.
  • Er moeten twee evacuatiewegen zijn die niet te dicht bij elkaar liggen. Als evacuatieweg gelden ook: een stevige trap of ladder, en ramen die door de kinderen geopend kunnen worden.
  • Er mogen ook niet té veel kinderen in een kleine ruimte slapen. Kijk dus goed of er niet té veel bedden staan in een slaapzaal en of je niet té veel matrassen moet leggen.
  • Voor elke deelnemer is er ook ruimte nodig voor een koffer en persoonlijk materiaal.
  • Als er bedden aanwezig zijn, kijk dan eens naar de staat van de bedden. Zijn de matrassen wel degelijk en staat het bed nog stevig op poten? Hebben de matrassen allemaal een matrasbeschermer? Zo nee, vraag dat dan aan de bivakeigenaar.
  • Verplicht jullie leden ook om een laken en kussensloop te gebruiken. Dat zorgt ervoor dat alles netjes blijft, ook voor de mensen die na jullie op bivak komen.
  • Veel bivakplaatsen hebben geen bedden, maar zijn wel net en veilig. Kies liever zo’n bivakplaats dan één waar de slaapruimtes in één dag varkensstallen worden. Je brengt dan zelf matrasjes mee om op te slapen.

Wanneer moet ik wat in orde brengen van de bivakadministratie?

2 jaar juli- augustus

september - oktober

februari - maart

  • Kreeg je toezegging voor voldoende tenten? Moet je er elders nog gaan zoeken?

april

mei-juni

juli-tot bivak

  • Ga je op bivak in Vlaanderen? Minstens 14 dagen voor het bivak moet je je bosactiviteiten aanvragen!
  • Overloop eens het volledige draaiboek.
  • Neem nog eens contact op met de busmaatschappij om de tijdstippen van vertrek en aankomst te bevestigen.
  • Is de EHBO-koffer volledig in orde?
  • Medische fiches ophalen en in een map klasseren.
  • Heeft iedereen betaald?
  • Print een aantal ongevalaangiftes af
  • Geef elke leid(st)er een kaartje met belangrijke telefoonnummers.

Het bivak

  • Net voor het vertrek: ISI+-kaarten van de jongste afdelingen ophalen (of een kopie hiervan).

Wanneer moet de bivakaangifte binnen zijn?

Je bivakaangifte moet voor 1 juni binnen zijn op het nationaal secretariaat! Alle info vind je op www.chiro.be/bivakaangifte

Hoe vraag ik tenten aan bij de Uitleendienst Kampeermaterialen?

Je downloadt een aanvraagformulier voor tenten van de Uitleendienst Kampeermaterialen (vroeger ADJ). Dat stuur je vanaf 1 oktober - samen met een kopie van de huurovereenkomst van je bivakplaats - naar de uitleendienst (Afdeling Jeugd – Uitleendienst Kampeermateriaal voor de Jeugd, Mechelsesteenweg 418, 1930 Nossegem) 

Waar kan ik terecht voor bivaksubsidies?

Een vrachtwagen van de gemeente die al het materiaal naar de bivakplaats brengt, vrijetijdspassen die ervoor zorgen dat je ouders een lagere bivakprijs kunt aanbieden, jeugdvakantiesubsidies voor erkende verenigingen, enz. Er is geen eenduidigheid in het Vlaamse subsidielandschap. Ga dus in je gemeente na of er vervoer- of bivaksubsidies voorzien worden. Is dat niet het geval? Laat je vertegenwoordiger in de jeugdraad of de plaatselijke jeugddienst dat zeker eens aankaarten!

Hoe vraag ik activiteiten in Waalse bossen aan?

In het Waalse Gewest kun je zonder toestemming te vragen activiteiten organiseren op afgebakende plaatsen in het bos die bedoeld zijn voor het onthaal van voetgangers, het parkeren van voertuigen, het uitoefenen van vrijetijdsactiviteiten en voor tentenbivakken. Zo'n plek heet een ‘aire balisée’.

Voor activiteiten in openbare bossen buiten een ‘aire balisée’ heb je de toestemming nodig van de ‘Division de la Nature et des Forêts’. Vul daarvoor het formulier “Demande d’autorisation d’activités dans les bois et forêts soumis au régime forestier” in en verstuur het voor 1 mei naar de houtvester van je bivakplaats! Je vindt het adres van die houtvester (cantonnement) heel eenvoudig op www.natuurenbosspel.be.
Als je toestemming geweigerd wordt, moet de houtvester een alternatief bos voorstellen.

In privébossen heb je de toestemming nodig van de eigenaar.

Moeten activiteiten in Vlaamse bossen ook aangevraagd worden?

Voor alle activiteiten waarbij je van de bestaande wegen in het bos gaat, moet je een toelating hebben.

In een privé- of openbaar bos is de toestemming van de eigenaar voldoende.
Bij domeinbossen blijft een machtiging van de woudmeester noodzakelijk.
Ook voor een tentenbivak heb je nog altijd een machtiging van de woudmeester nodig. Je regelt dat best via de gemeente waar je op bivak gaat.

Voor wandelingen op opengestelde boswegen, waarbij je wegaanduidingen gebruikt, heb je geen machtiging nodig. Op de wegaanduidingen moeten de volgende zaken wel duidelijk vermeld staan:

  • Datum van de voettocht
  • Organiserende vereniging
  • Naam en adres van de verantwoordelijke

Die aanduidingen moeten bovendien ten laatste 24 uur na de voettocht verwijderd worden.

Een speelzone is een bepaald gedeelte van het bos of natuurreservaat of heel het bos (= een speelbos), dat permanent of gedurende een bepaalde periode toegankelijk is, ook buiten de boswegen, voor -18-jarigen en hun begeleiders.
De speelbossen (die je her en der in Vlaanderen ziet opduiken) krijgen een standaardbord, zowel voor openbare als voor privébossen. Alle speelzones en -bossen zijn te vinden op www.natuurenbosspel.be.

Waar vind ik stafkaarten?

Op de site van het Nationaal Geografisch Instituut kun je stafkaarten bestellen. 
Ook in de scoutsshops (www.hopper.be) vind je een ruime keuze aan stafkaarten.

Waar moet ik op letten als we naar de Oostkantons op bivak gaan?

Op de bivakaangifte voor het nationaal secretariaat moet je aangeven dat je naar de Oostkantons trekt. De Oostkantons zijn immers een internationaal erkende natuurzone en een internationaal waterwinningsgebied. Daarom worden er grotere milieu-inspanningen verwacht van iedereen die er woont en verblijft.

De Chiro en de toeristische dienst van de Oostkantons willen jullie een deugddoend bivak garanderen in dat prachtig gebied. Daarom geven wij jullie adres door aan de toeristische dienst van de Oostkantons. Die dienst stuurt jullie een handig pakket met de rechten en plichten van een jeugdgroep die in de Oostkantons verblijft.

Wat je zeker moet doen! Waar je op moet letten!

  • Sluit enkel contracten af met verhuurders die een officiële vergunning kunnen voorleggen. Die vergunning vermeldt dat het gemeentebestuur de eigenaar toestemming verleent om op een bepaald terrein of in een welbepaald gebouw jeugdgroepen te laten verblijven. Ga altijd na of het in de vergunning vermelde terrein of gebouw wel overeenstemt met het terrein of het gebouw dat jullie willen huren. Enkel de officiële vergunning van het gemeentebestuur biedt jullie de zekerheid dat het bivakterrein en het gebouw in orde zijn met alle wettelijke bepalingen. Vraag een kopie van die officiële vergunning en van het politiereglement over jeugdbivakken. De verhuurder is verplicht je die te geven.
  • Sluit in elk geval een schriftelijk huurcontract af. We stelden samen met de gemeentebesturen van de Oostkantons een modelcontract op. Zo'n modelcontract zit in het pakket dat jullie toegestuurd krijgen. De eigenaar is niet verplicht het te gebruiken, maar het biedt jou de meeste garantie dat hij of zij het terrein en de bivakplaats verhuurt in overeenstemming met het gemeentelijke politiereglement.
  • Eis van de verhuurder een kopie van het huishoudelijk reglement van het bivakterrein of van het bivakhuis. De verhuurder is immers verplicht een kopie van het reglement bij het contract te voegen. Het huishoudelijk reglement moet o.m. de volgende bepalingen inhouden: het maximumaantal deelnemers, de middelen tot drinkwatervoorziening, de kookinstallaties, de beschikbaarheid van een telefoon voor noodgevallen en de belangrijkste telefoonnummers, de voorschriften i.v.m. brandveiligheid, de kampvuren, de voorschriften inzake afval,enz.
  • Informeer jullie bij de verhuurder naar de bepalingen inzake toegankelijkheid en gebruik van het bos. Vraag naam, adres en telefoonnummer van de voor jullie bivakplaats bevoegde persoon van het Bosbeheer.
  • Contacteer enkele weken voor het begin van het bivak de gemeentepolitie en de voor jullie bivakplaats bevoegde boswachter om alle bepalingen inzake toegang en gebruik van de bossen te vernemen. Als je bosspelen en boswandelingen organiseert, neem dan altijd contact op met de bevoegde personen van bosbeheer. Voor wandelingen buiten de bewegwijzerde wandelwegen hebben jullie altijd vooraf de toelating van het bosbeheer nodig (zie Bosvriendelijk spelen).
  • Om alle gevaar voor (bos)brand te vermijden, moeten jullie voor je grote kampvuur altijd vooraf de toelating aan het gemeentebestuur vragen. Vraag ook toelating aan de verhuurder. Die kan je zeggen waar je het mag inrichten.

Heb je twijfels of er wel genoeg speelruimte is in de omgeving, voel je je onrechtvaardig behandeld door de boswachter of twijfel je of je wel mag kamperen op de uitgekozen bivakplaats, telefoneer dan naar de Dienst voor Toerisme van de Oostkantons: 080-22 76 64.

Waar vind ik bivakthema’s?

In onze verzameling bivakthema's.

Wat is knisperen?

Twee of zelfs meerdere aspiploegen spreken af op bivak en doen er samen een activiteit. De leiding nam vooraf contact op om af te spreken en voor te bereiden, de groepen zijn (toevallig) in elkaars buurt op bivak.

Hoe moet je knisperen?

Je vult het inschrijvingsformulier in en stuurt het op. Je krijgt dan van ons een lijst met groepen die bij jou in de buurt op bivak gaan. (Die gegevens ontvangen we via de bivakaangifte. Zorg je er mee voor dat die van jouw groep bezorgd wordt?)
Met de lijst in de hand contacteer jij die leiding en spreek je af over de Knisper: gezamenlijke voorbereiding, een tweedaagse tocht, hoe de aspi’s mee inschakelen, enzovoort.

Mogen we met tenten van de Uitleendienst Kampeermaterialen naar het buitenland?

Nee, dat kan niet. De reden hiervoor is dat er geen overvloed aan tenten is. Door tenten mee naar het buitenland te nemen, zijn ze vaak een extra dag langer niet beschikbaar voor andere groepen.

Welke ziekenfondsen betalen een deel van het bivakgeld terug?

Dat vind je in het overzicht dat we voor je maakten